Tigerland
Het is 1971, en Amerika is verscheurd door de almaar voortdurende oorlog in Vietnam. Duizenden soldaten hebben daar reeds het leven gelaten en nog vele duizenden staan op het punt erheen te worden gezonden. Een groep jonge rekruten komt aan op legerbasis Fort Polk in Louisiana, waar ze de laatste stap in hun infanterie training zullen zetten, alvorens te worden uitgezonden. Jim Paxton (Matthew Davis) is een idealistisch schrijverstype, dat de oorlog eigenlijk ziet als een mooie bron van inspiratie voor romantische oorlogsverhalen. Roland Bozz (Colin Farrell) is een Texaanse anti-held, een onruststoker die niet zoveel op heeft met de oorlog, het leger, en autoriteit in het algemeen. Hij probeert iedere opdracht zo te verpesten dat hij uiteindelijk uit het leger zal worden ontslagen, eervol of niet. Paxton en Bozz groeien uit tot de leiders van een kleine groep mede-rekruten, en Bozz zet ze aan de autoriteit van hun superieuren te betwijfelen, of op z’n minst niet blindelings opdrachten op te volgen. Als de groep trainees Tigerland – een trainingsgebied in Louisiana dat lijkt op de jungle in Vietnam – binnentrekt, komen ze pas echt te weten wat ze bereid zijn te doen en laten om maar niet te worden uitgezonden. Als er dan ook nog een sociopaat blijkt rond te lopen die een hekel heeft aan Bozz, dringt de vraag zich op wat er nou eigenlijk gevaarlijker is: de trainingszone Tigerland, of het werkelijke oorlogsgebied in Zuidoost Azië.
Tigerland is een innemende, in documentaire stijl geschoten film, met veel natuurlijk licht, handheld camerawerk, en realistische dialogen. Vooral Farrell schittert als de intense, semi-criminele Bozz.