Klein Duimpje
Klein Duimpje woont samen met zijn vader, moeder en zijn vier broers op een boerderij. Hij wordt vaak gepest door zijn broers die allemaal ouder dan hem zijn. Klein duimpje is bevriend met het kleine toverfeetje Rose.
Als de burgeroorlog uitbreekt plunderen de soldaten de boerderij en heeft de familie geen voedsel meer. Zijn ouders zijn radeloos, ze laten hun vijf zoons achter in een groot griezelig bos. De jongens moeten vechten tegen uitgehongerde wolven en soldaten en vluchten naar een verlaten kasteel. Daar komen ze tegenover een grote mensenetende reus te staan.
Ze worden door de reus gevangen genomen maar slagen, met de hulp van Rose (de dochter van de reus), erin te ontsnappen te ontsnappen. Klein Duimpje moet al zijn moed bij elkaar rapen om de laarzen van de reus te stelen en zijn land te redden.